Inleiding

Goed Leven – Mooi werk – Met elkaar

De visie van het kwaliteitskader komt overeen met de visie van Vanboeijen. We herkennen onze overtuiging in deze visie:

Goed Leven – Mooi werk – Met elkaar

Het kwaliteitskader legt met haar bouwstenen de nadruk op persoonsgerichte zorg waarbij eigen regie en de dialoog tussen cliënt en zorgverlener de kwaliteit van zorg en ondersteuning bepaalt. Daarbij pleit het kwaliteitskader voor het continu leren en verbeteren middels reflectie in teams om te komen tot vakbekwaam deskundig personeel.

Vanboeijen vindt het belangrijk dat de ondersteuning en begeleiding ontstaat vanuit de driehoek, waarbij de cliënt en diens verwant met de persoonlijk begeleiders met elkaar afspreken op welke manier ze continu toewerken naar de beste kwaliteit van leven. Daarin vinden we het belangrijk om te investeren in de relatie tussen de betrokkenen in de driehoek. Dit vraagt wat van de bewoner en cliënt, de ouder/verwant en van onze medewerkers. De dromen, wensen en talenten van onze cliënten zijn het vertrekpunt bij het opstellen van het persoonlijk plan van onze cliënten – op maat. We faciliteren en voorzien onze medewerkers van de kennis en kunde om mooi werk te verrichten. Vanuit het persoonlijk plan werken verschillende deskundigen multidisciplinair met elkaar samen. Daarbij vinden we het belangrijk dat wonen, werken, dagbesteding en de zorg in de nacht naadloos op elkaar aansluiten.

In dit kwaliteitsrapport over verslagjaar 2017 wordt beschreven hoe Vanboeijen inhoud geeft aan de visie. Voor de snelle lezers beginnen we met een samenvatting van dit rapport. Gevolgd door een uiteenzetting over Vanboeijen als organisatie en haar bedoeling in hoofdstuk 3. In hoofdstuk 4 staan we stil bij het ontwikkelverhaal van Vanboeijen in relatie tot kwaliteit en veiligheid. Vanboeijen heeft een ontwikkelverhaal geschreven waarin de koers beschreven staat. Vervolgens brengen we in hoofdstuk 5 verdieping aan op persoonsgerichte zorg en op welke manier we het zorgproces rondom de cliënt hebben ingericht om aan te sluiten bij de wensen, dromen en talenten van onze cliënten. Daarbij zijn 'Werken in de driehoek' en 'Met elkaar op locatie' vertrekpunten. In het hart van de driehoek staat het persoonlijk plan van de cliënt centraal, daar waar kwaliteit ontstaat in de samenwerking tussen cliënt, ouders/verwant en persoonlijk begeleider. In hoofdstuk 6 lichten we toe op welke manier we ervaringen van cliënten ophalen, aangevuld met de ingezette verbeteracties. Hoofdstuk 7 zet de stand van zaken op kwaliteit en veiligheidsthema’s uiteen middels cijfers en bijbehorende reflecties en verhalen: tellen en vertellen. Vervolgens besteden we aandacht aan onze betrokken en vakbekwame medewerkers in hoofdstuk 8, waarin de uitkomsten van de reflecties in de teams worden gepresenteerd. Het rapport sluiten we af met het hoofdstuk 'Hoe nu verder'.